Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

STOP0257_0257_21316

Een sage (mondeling), 1964

Hoofdtekst

Parret, e zwijnesnijder, e’k ik oltemets hoord van vader, reed in de busschen. Mor ommèkeer enne moste zijn broek ofsteken enne boend zijn peerd an de boom. En ’t kwamen dor twee mannen. En zeggen die mannen ezo tegen hem: "Wuk doej dor tè?" "Schijten!", zeiten, "moe’k misschien in je mule schijten?" En je stropte zijn broek an en je liep weg want ne wos benauwd van die mannen die twee moordenaars woren van Bakelandts bende.

Onderwerp

SINSAG 1320 - Andere Räubergeschichten.    SINSAG 1320 - Andere Räubergeschichten.   

Beschrijving

Een varkenssnijder die door het bos reed, bond zijn paard aan een boom en steeg af omdat hij even een boodschap moest doen. Daarop werd de man benaderd door twee onbekenden die vroegen wat hij daar deed. De varkenssnijder diende de onbekenden van antwoord en maakte zich snel uit de voeten. Die twee mannen waren moordenaars van de bende van Bakelandt.

Bron

S. Top, Leuven, 1964

Commentaar

4. Historische sagen
west-vlaams (vrijbos)
148A
fabulaat

Naam Overig in Tekst

Bakelandt    Bakelandt   

Parret    Parret   

Bakelandt (bende van)    Bakelandt (bende van)   

bende van Bakelandt    bende van Bakelandt   

Naam Locatie in Tekst

Staden    Staden