Hoofdtekst
Jef Groentje (Jozef Van Groenwegen), nen woagenmoaker beweerde da er ip het Ardooieveld oltied ’s nachts een vrouwmins dat schone gekleed wos rondwandelde. En je wos do straf benauwd van. En o me do ’s nachts zoaten om te joagen en der begoste nen boom te woaien riep Jef "gauw me zijn weg, en gij dommerik lop toch!"
Beschrijving
Een wagenmaker beweerde dat er 's nachts altijd een mooi geklede vrouw op het Ardooieveld liep. De man was erg bang voor die vrouw. Mannen die 's nachts in de buurt van dat veld gingen jagen, geloofden ook vaak dat ze de spookverschijning hadden gezien.
Bron
H. Van Wassenhove, Leuven, 1967
Commentaar
1.5 Plaaggeesten
west-vlaams (groot-roeselare)
50
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Emelgem   
Plaats van Handelen
Ardooieveld   
