Hoofdtekst
4 Pas op, zelfs Triene hier heeft de pastoor eens doen komen. Ze meende ook dat er iets was. Ik weet niet, op die kamer daarachter. De pastoor is gekomen.I En toen is het overgegaan?4 Ja, ze meende maar: "We zijn behekst. We zijn behekst, geloof ik" zei ze. Met de kinderen of iets. En de pastoor die geloofde ook erin. En die zei, hij zag het in de consecratie, de pastoor. Is het waar? Maar de pastoor is gekomen, jaja. En dna was zeker iemand hier geweest en Triene vertrouwde het niet. Ze heeft hem dan doen komen, de oude Bollen (= † E.H. Emile Bollen) nog. Ik weet het nog goed genoeg. André (= André Smets - Schiepers, Berkenlaan 21, zoon van Harie) lag daar [wijst naar kamer boven] en daar (was ) ergens iets. En toen zeiden wij, (zei) zij op de pastoor dat. "Ja,ja," zei hij, "ja, ja." En dan meen ik dat hij zei: "We zien het in de consecratie in de Kerkesteeg." Dat is raar hoor!
Beschrijving
Een vrouw die geloofde dat haar kinderen behekst waren, liet de pastoor komen. De pastoor beweerde dat hij de heks tijdens de consecratie in de Kerkesteeg kon zien.
Bron
H. Schoefs, Leuven, 1996
Commentaar
2.1 Heksen
limburgs (groot-riemst)
4P 146
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Zichen-Zussen-Bolder   
Plaats van Handelen
Kerkesteeg   
