Hoofdtekst
Bij ons in de stal ging alles teniet. We kregen geen melk; geen boter krijgen, 't zaan wilde nie lopen. En als ne man er was, liep de zaan wel, en het maschien kon 't ook nie zijn. Toen hemmen we die man buitengegooid en toen ging 't wol.
Beschrijving
In een stal waar men geen boter kon maken, gooide men een knecht buiten. Daarna lukte het karnen wel.
Bron
W. Luyts, Leuven, 1956
Commentaar
2.2 Tovenaars
antwerps ('land van turnhout')
291
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Zevendonk   
