Hoofdtekst
Paster Lootens van Nieuwpoort-Bain ne (hij) wist hij alles op voorhand - van d’ijslandvaarders, aster etwaar (ergens) een verongelukt was, over boord geslegen of a schip vergaan en ne (hij) riep hij dat af van de preekstoel, zonder datter en hem entwien (iemand) verwittigd hadde. We bevelen in uw godvruchtige gebeden ... ne zei dat ton. Dat is meer dan vijftig jaar geleen al wè. ’t Was hier ook een vrouwmens an n’heur vent verongelukt was op zee, op Ijsland ook, z’hoorde zij dat zeggen en ze ging zij naar hem en ze vroeg zij of dat waar was. Ja’t, zegten, dat is waar. En ne zei hij waar en wat voor ure dat ’t gebeurd was. Doe gij maar a messe doen voor hem, zeiten. En ne was dood ook. Wel, j’ heeft dat zo dikwijls gedaan paster Lootens.
Beschrijving
Een pastoor uit Nieuwpoort Bad was helderziend. Als er bijvoorbeeld een schip met Ijslandvaarders was gezonken, dan kondigde hij dat aan op de preekstoel, hoewel niemand het hem had verteld. Een vrouw die ongerust was over het lot van haar echtgenoot die op zee was, vernam van de pastoor dat haar echtgenoot was overleden. Zo was het ook.
Bron
J. Aspeslagh, Leuven, 1958
Commentaar
2.2 Tovenaars
west-vlaams (kamerlingsambacht)
266
Omstreeks 1900
fabulaat
Naam Overig in Tekst
Ijslandvaarder   
Naam Locatie in Tekst
Nieuwpoort Bad   
Plaats van Handelen
Nieuwpoort Bad   
