Hoofdtekst
De hekse verandere hun in katte, nooit in koei of peer. Een kat hee zoewe een vals karakter en domee hee die dieje slechte naam opgedaan. In hon’ zulle de hekse der nooit verandere. In Langven was ne boer dieje geloofde inne hekse en dieje had alma malheur inne stal. En hij pakt zijne riek en slaagt heur op heure poot en ’s anderendaags ligt da vremmes vanne gebure mee ne gebroke arm. Da was Cornelisse, dieje boer.
Onderwerp
SINSAG 0605 - Hexenkatze erscheint im Stall und Haus und verzaubert Menschen und Vieh.
  
SINSAG 0640 - Hexentier verwundet: Frau zeigt am folgenden Tag Malzeichen.
  
Beschrijving
Heksen veranderden zich altijd in katten en nooit in koeien of paarden.
In Langven woonde een boer die altijd ongeluk had met de dieren in zijn stal. Op een dag sloeg boer C. met zijn mestvork naar een kat die altijd in zijn stal vertoefde. De volgende dag stelde C. vast dat zijn buurvrouw een gebroken arm had.
In Langven woonde een boer die altijd ongeluk had met de dieren in zijn stal. Op een dag sloeg boer C. met zijn mestvork naar een kat die altijd in zijn stal vertoefde. De volgende dag stelde C. vast dat zijn buurvrouw een gebroken arm had.
Bron
M. Vankerkhoven, Leuven, 1964
Commentaar
2.1 Heksen
limburgs (grensgebied kempen-hageland)
467
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Kwaadmechelen   
Plaats van Handelen
Langven   
