Hoofdtekst
’t Was hier ook een die werekwam, en ze zagen hem daar zitten lijk dat hij zijn geld telde. En ze vroegen waarom dat hij were kwam. En hij zei dat zijn geld weg zat en dat ze der moesten achter graven. En ze groeven der achter en ze vonden het. En ze gaven het aan hem, en ze telden ’t in zijn hand, en hij telde mee. En als ’t geld geteld was, hij was ommeddekeer weg en hij was verlost.
Onderwerp
SINSAG 0401 - Der verborgene Schatz.   
Beschrijving
In een huis in Deerlijk kwam een overleden man spoken. De man zat in een hoek van de kamer zijn geld te tellen. Toen men hem vroeg waarom hij terugkwam, zei hij dat hij ergens geld had verborgen. De bewoners van het huis moesten naar het geld graven. Toen de mensen het geld hadden gevonden, gaven ze het aan de geest, die het samen met hem natelde. Zodra dat was gebeurd, verdween de verloste dode.
Bron
F. Van Houdenhove, Leuven, 1967
Commentaar
1.4 Luchtgeesten
west-vlaams (tussen schelde en leie)
230
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Deerlijk   
Plaats van Handelen
Deerlijk   
