Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

MKEST0118_0118_30194

Een sage (mondeling), 1964

Hoofdtekst

Daar was nen boom met een gat in. Daar woonde een spichte in. Als ge die spichte kost vinden, dan moest ge een houten tap maken en dat op het hol slaan. Wanneer de spichte (specht) met aas komt, kan ze bij haar jongen niet meer. Maar daar moet een rode neusdoek onder den boom liggen. Die spichte kom dan met nen “lansichristie” (soort kruid) en dan gebeurt het: den tap vliegt er af en de “lansichristie” valt op de neusdoek. En dan moogt al vragen wat ge wilt, ge krijgt dat .

Beschrijving

In een boom woonde een specht. Als men die specht kon vinden, moest men iets over haar hol timmeren. Wanneer de specht dan met haar aas kwam aangevlogen, vond ze haar hol niet meer. Onder de boom moest men een rode zakdoek leggen. De specht zou dan komen met een ‘lansichristie’ (1). Dan zou het plankje van het gat vliegen en de lansichristie zou op de grond vallen. Wie dat zag gebeuren, mocht alles vragen wat hij maar wilde. Hij zou het allemaal krijgen.

Bron

M.-P. Kesteleyn, Leuven, 1964

Commentaar

3.1 Duivels
oost-vlaams (vlaamse ardennen)
223
fabulaat
(1) soort van kruid

Naam Locatie in Tekst

Zegelsem    Zegelsem