Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

MREYN0125_0125_19650

Een sage (mondeling), 1965

Hoofdtekst

Da wos entwodde in dien tijd. Ik wos ton een klein ventje, en ‘k ging ton dikkels naar de smesse up de plaatse, da wos nog een beetje ’t kommerekot, en ‘k hoord olsan vertellen over de vliegende geite, en de mensen zeien tegen mekaar: "Oe is ‘t, ga je vanavend wok naar de vliegende geite gaan kijken?" En oeke thuus kwam vroege kik aan mijn vader oek wok mochte naar Beselare gaan, maar ‘k mochte niet, en ‘k vroege ton aan vader wuk da dat wos. Ja, den een zei dat dat een vliegende geite wos, den anderen zei dat dat een veugel wos, maar ten es nooit niemand die gezien hèd en wuk dat dadde geweest is, ‘k en wete ’t wok niet.

Beschrijving

Een jongen had al vaak horen vertellen over de vliegende geit die iedere avond in Beselare verscheen. Op een avond vroeg de jongen aan zijn vader of hij ook naar de vliegende geit mocht gaan kijken, maar de vader weigerde.
Sommige mensen beweerden dat de vliegende geit in werkelijkheid een vogel was. Niemand heeft de geit ooit gezien.

Bron

M. Reynaert, Leuven, 1965

Commentaar

1.4 Luchtgeesten
west-vlaams (ieper)
112
Kindertijd van de informant
memoraat

Naam Overig in Tekst

vliegende geit (Beselare)    vliegende geit (Beselare)   

Naam Locatie in Tekst

Geluveld    Geluveld   

Plaats van Handelen

Beselare    Beselare