Hoofdtekst
Z Wat hebben die andere mensen van Bolder gezegd?I Ja, nog niet zo veel. Wat was het? Ook van de oude vrouwkes. Dat ze vertelden van, zeiden: "Dat is een heks." Dat er een vrouwke stond.Y Dat is waar wat ge zegt. Dat zegden wij ook. Dan waren wij kinderen en dan kwam zo’n oude vrouw … (= onverstaanbaar) "Pas op, pas op: dat is de heks!" Die had altijd haar haar zo rond haar hoofd afhangen … (= onverstaanbaar).(onderbreking)I Ja, maar het is dat wat ik moet weten eigenlijk.Y (= onverstaanbaar)6 … Ja, ik vertel maar juist wat ik nog weet. Van papa.I Ja, maar dat is de bedoeling. Want de meeste mensen weten het toch zelf niet, die hebben het altijd van horen zeggen en zo.Z … (= onverstaanbaar)6 Dat zeggen ze nu nog, hé, sommige mensen. Ja, zo, echte heksen (= in de betekenis van feeks, tang).I Ah, zo ja. Hier ook?6 Zo meer rond Leuven.11150 I Opa had ook nog wat gezegd, maar hij zegt: "Je moet dat maar eens aan Herman zelf vragen." Hij zegt: " Ik heb dat gehoord van …" - ik denk uw neef. Heet die ook Hermon (= † Herman Haesen -Kellens, Visésteenweg 334)?9 Een neef? Jaja.I En die had opa eens ooit verteld vroeger. En opa zegt: "Vraag het maar aan Hermon, want ik weet niet wat er van waar is. Ik ga niks vertellen wat niet waar is." 9 En wat was dat?I Over een meid, hier. En dat was een heel goeie meid en toen is die ziek geworden. Toen waren de paters moeten komen, zie hij of iets, en toen moest ze naar het kapelleke gaan in Zichen. En de negende dag was ze beter. D’r was ook een zwarte kat en toen was die ineens weg. En toen was alles terug beter. En dat had Hermon hem gezegd, ooit.9 Dat is iets wat ze ons verzwijgen, hé, eigen ‘läöi’. Dat was van hier uit het huis en dat verzwegen ze ons, hé.I Zodat ge d’r niet bang voor zoudt hebben?9 Ja. Ja. Maar dat is die (meid) wat ik je zei van dat wijfke in de Kwattel. Dat (meisje) had (die kracht) moeten overerven. Dat was die. Daar zie je dat het ook al buiten deze mensen was (gegaan).I Opa heeft gezegd van: "Ik vertel daar niks van tegen iemand anders en jij moet daar ook niks van tegen iemand anders zeggen. Maar je kan het eens fatsoenlijk vragen aan Hermon."9 Ik heb je ook gezegd dat die daarboven bij Pierre (= broer van de informant) was geweest en die (= Pierre) had toen van die dikke, dubbele bakpruimen. En andere jaren ging ik ze daar plukken voor haar. Maar toen had ik geen tijd. Ik zeg: "Och Til, ga jij maar vragen." Maar de vrouw van Pierre, die was tegen haar uitgevallen. En die had haar verweten van alles. Wat weet ik niet. Ze zeiden dat die meid met mijn pa aanhield. Maar ik heb niks gezien, hoor. Maar waar ‘kaal’ (= praat) van is, is dikwijls iets waar. Het kan zijn, pfwah, voor mij maakt dat niks. Daar hoef ik niet voor te boeten, wùr, voor wat mijn pa doet. Daar hoef ik ook niet voor beschaamd te zijn, wùr. Als die man dat gedaan heeft … en de vrouw is daarmee content, ja … Wat is daar dan kwaad aan?I Daar heeft iemand anders geen zaken mee, hé.9 Ik heb dat dikwijls tegen Bernardine (= zijn echtgenote) hier gezegd: "Je kunt zeggen wat je wil, maar als ze allebei content zijn, wat is daar dan ‘controale’ (= verkeerd) mee?"(onderbreking)9 Maar wat mij toch verwondert is dat jouw (o)pa dat wist van die meid hier. Daar had ik nooit niks van gehoord.I Maar hij vertelde: hij was eens met uw neef Hermon, kwamen ze eens terug van Vlijtingen. Toen waren ze nog niet getrouwd en toen waren ze daar gaan ‘verkeren’, zoals opa zegt. En toen kwamen ze terug en toen zei Herman: "Hoor eens even. Hoor je die voetstappen niet?" "Nee, dat hoor ik niet." Toen gingen ze verder de berg op van Riemst naar Bolder toe, die berg. Toen stopte Hermon weer: "Maar hoor jij dat niet?" Echte voetstappen, hé. En ze zagen niemand behalve een zwarte kat.9 Dé?!I En toen waren ze aan het ‘kalle’ geweest over zwarte katten en heksen en zo en toen had Hermon dat verteld. Want hij zei: "Ik weet ook niet precies wat, maar wat ik weet zal ik je vertellen." En die meid die had dan altijd een zwarte kat in haar kamerke en die kon ze niet wegkrijgen, zei opa. Dat was wat Hermon hem verteld had. Hij zegt: "Ik weet ook niet wat waar is."9 Ja, maar ik heb gezegd dat die bij een tante was. En die (heksen) moeten dat kunnen overzetten eer (ze kunnen sterven). En die had zeker drie weken gestorven.I Die tante?9 Ja.I Het was omdat ze een heks was dat dat zo lastig ging?9 Ja.I En die woonde in … de ‘Kwattel’?9 Die woonde in de ‘Kwattel’, ja.I Waar? Tja.9 Ja, je kent (daar) niks, hé. Dat was de moeder van Boeike, zoals wij zeggen. Woont zo in die huiskes in het midden (van de straat) zo ergens. I Kort bij grotema (= † Helena Reggers -Biesmans, Kwartelstraat) van mijn opa misschien?9 … Jan van Leentje (= † Jan Reggers - Biesmans, Kwartelstraat)?I Ja.9 Jan van Leentje … wacht even … Twee huizen hogerop. Dat was Reggers dan daar (bij de grootouders van uw opa) en dan was het waar die Wolfs, Theune Wolfs (woont) en dan had je het Boeike. Daar woonde die. En na (die) was het Gariot, en toen had je die van Kinne en … Maar dat ik je nu dat niet alleen vertel, dat is dan toch alweer een andere man die dat ook wist.I Ik zeg maar dat hij (= mijn opa) het van uw neef wist en hij heeft het ook aan niemand anders verteld, hoor. Daar ben ik ook zeker van; dat doet hij ook niet. maar hij zei gewoon van : "Vraag dat en …"9 Ja, maar daar heb ik nooit niks van gehoord. Maar dat die geen goede naam had … Maar wij zaten ermee!I En wat hebt ge toen gedaan? Ze gewoon weggestuurd of hebt ge de paters doen komen?9 Nee, die is hier weggetrouwd. Ze had ‘kennis gekregen’ (= verkering gekregen) met de man en toen was ze weg. Toen is wel Jageneau (= † E.H. Theodoor Jageneau, Pastoor Bollenstraat) hier geweest. Die heeft de stallen gezegend en alles.I Dat was een pastoor?9 Jageneauke van hier, ja. Was het Jageneauke? Nee, het was Bollen. (= E.H. Emiel Bollen, Pastoor Bollenstraat) Zodus, dat is toch ..; Sindsdien hebben we toch al verscheidene pastoors gehad, hé. Je hebt Grooven (= † E.H. Jozef Grooven, Pastoor Bollenstraat) gehad en dan Baeke (= † E. Pater Theofiel Baeke, Pastoor Bollenstraat) en zo van alles. Ja, dat is toch al gauw twintig, dertig jaar terug.I En toen zijn ze alles komen zegenen?9 Ja.
Onderwerp
SINSAG 0580 - Andere Hexenkünste   
Beschrijving
Over oude vrouwen vertelde men vaak dat het heksen waren.
Bron
H. Schoefs, Leuven, 1996
Commentaar
2.1 Heksen
limburgs (groot-riemst)
6E 181
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Zichen-Zussen-Bolder   
