Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

MKEST0072_0073_30090

Een sage (mondeling), 1964

Hoofdtekst

In de Sponde werd er nog veel gespookt. Vaarke Verplanken kwam opwaarts. In de kant van het bos zat er een kat. Ze kwam in zijn benen lopen. “Vaarke van waar komt gij?” vroeg ze. “Schone bonte miene, waarom straalt ge mij?” Hij gaat voort. Hij komt een schone bonte koe tegen. Hij wil ze pakken en loopt er achter. Beneden stond er een hof. Die koe sprong met ne wip in diene stal en ze was verdwenen. ’t Woonde daar een tovermeetje in dat hoveke.

Onderwerp

SINSAG 0333 - Spuktier erschreckt Wanderer (und begleitet ihn).    SINSAG 0333 - Spuktier erschreckt Wanderer (und begleitet ihn).   

SINSAG 0608 - Andere Begegnungen mit Hexentieren.    SINSAG 0608 - Andere Begegnungen mit Hexentieren.   

SINSAG 0331 - Spuktier kann nicht getroffen (gefangen) werden    SINSAG 0331 - Spuktier kann nicht getroffen (gefangen) werden   

Beschrijving

In de Sponde spookte het erg. Een man zag daar een kat uit het bos komen en sprak tot het dier. Daarna ging de man voort. Hij kwam een bonte koe tegen. Toen hij het dier wilde vangen, sprong het in een stal en verdween. In een nabijgelegen hoeve woonde een toverheks.

Bron

M.-P. Kesteleyn, Leuven, 1964

Commentaar

1.4 Luchtgeesten
oost-vlaams (vlaamse ardennen)
111
fabulaat

Naam Locatie in Tekst

Nukerke    Nukerke   

Plaats van Handelen

Sponde    Sponde