Hoofdtekst
Mien voader passeerde ne keer ’s nachts langs Bekkem. Olmetnekeer zag ne een boekenhoage branden. ’t Vier sloeg meters hoeoge. Oet ne ’s nuchtends gienk goan kieken, was er nieten an die hoeoge te zien.
Beschrijving
Een man die 's nachts voorbij Bekkem kwam, zag een beukenhaag branden. Toen de man de volgende ochtend ging kijken, was er niets meer van de brand te zien.
Bron
R. Callens, Leuven, 1968
Commentaar
1.3 Vuurgeesten
west-vlaams (tielt en izegem)
36
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Pittem   
Plaats van Handelen
Bekkem   
