Hoofdtekst
Beschrijving
Op een boerderij had men een pasgeboren zoon die niet groeide. De buurvrouw sloeg iedere avond twee deksels tegen elkaar en kwam vervolgens in haar ondergoed uit haar bed. Eén van de zonen van de boer had op een dag gezegd: “Ik sla ze dood, want dat moet hier afgelopen zijn!” De vrouw had het echter gehoord en had gezegd: “Vroeg of laat krijg ik ze nog wel” Een jaar later stelde de boer vast dat de helft van zijn hop was geoogst en gestolen. De politie vond voetsporen in het hopveld. Het waren de voetsporen van de buurvrouw. De boer heeft de zaak maar zo gelaten. De buurvrouw had de toverkracht van een andere toveres overgenomen. De zoon van die toveres is moeten verhuizen omdat hij bang was voor de toverij.
Bron
L. Pauwels, Leuven, 1969
Commentaar
2.1 Heksen
brabants (noord-west)
640
memoraat
Naam Locatie in Tekst
Meldert   
