Hoofdtekst
In Rutten waren ze met zes man: drie vroley (= vrouwen) en drie mans. Van de kapel van Rutten, de drie vroley gingen van den ene café naar den andere. 't Was keremes; 's nach(t)s om ha(l)f twalef? Terwijl as ze doorgingen, zat doa een kt op e grach(t) 'miauw, miauw...' - 'Hat oer maul!' (= houdt uw muil) zei doa ene, en doabij springt de kat af en hij stamp(t) naar h'r, mè ze was nie geraak(t). De kat komt rond zijn vüt (= voeten) en hij stampte mè kon ze nie raken. Toen ging de kat weg, terug op de grach(t). De tweede stampten ook en de derde - dat was pa - die lachte; die hiel(d) de gek temet! Ze gingen door en hoorden die kat nog wijd kièke (= roepen) 'miauw, miauw...' Toen zei pa: 'willen we eens roepen t' rop voor te zien of ze nog terugkomt.' en hij riep: 'poes, poes, pf, pf, kätsje, kom terug!' Toen zat ze weer op de grach(t) aan ons en ze kwam weer tussen ons vüt (= voeten), dan vóór en dan a(ch)ter ons; dan was ze weer weg. Op het kruispunt riep pa weer op de kat! mè doa kwam ze nie! Wij(d)er riep pa nog, en doa kwam ze opnieuw.
Onderwerp
SINSAG 0592 - Hexentier kann nicht getroffen werden
  
Beschrijving
Drie mannen en drie vrouwen kwamen omstreeks half twaalf 's nachts terug van de kermis in Rutten. Naast de gracht zat een kat te miauwen. De mannen stampten naar de kat, maar ze slaagden er niet in het dier te raken. Wat verderop hoorden ze de kat nog steeds miauwen. Daarop sprak één van de mannen: "Zullen we de kat eens roepen om te kijken of ze nog terugkomt?" Zodra men de kat had geroepen, zat het dier weer naast de gracht. Toen het gezelschap voorbij een kruispunt ging, kon de kat niet meer verder.
Bron
M. Dreezen, Leuven, 1967
Commentaar
2.1 Heksen
limburgs (tongeren en omstreken)
R31
Vader van de informant
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Tongeren   
Plaats van Handelen
Rutten   
