Hoofdtekst
Bij ons thuis vroeger, als wij nog woonden op de Stoktse hoef, hier aan 't college, zijn er ook 's raar dingen gebeurd. Wij hoorden altijd gerommel in de stal en lawaad en zo, en da was altijd 's avonds of 's nachts. Maar wij dierven nooit nie binnengaan. Op ne keer is onze vader toch eens in de stal en in zijn krib zat ne groten hond, die alles overhoop zette. En dat peerd kon nie eten, natuurlijk. En die kalveren vlogen deur de lucht tot tegen de balken.
Beschrijving
Op een boerderij hoorde men 's avonds en 's nachts altijd gerommel in de stal. Het paard was losgemaakt en in de kribbe zat een grote hond. De kalveren vlogen door de lucht tot tegen de balken.
Bron
W. Luyts, Leuven, 1956
Commentaar
2.2 Tovenaars
antwerps ('land van turnhout')
302
memoraat
Naam Locatie in Tekst
Turnhout   
