Hoofdtekst
Beschrijving
Een man reed wekelijks met zijn kar naar Diest en was dan nooit voor twee uur thuis. In de Pastorijdreef in Tielt zag de man altijd iets vreemds wanneer hij over de brug reed. Wanneer de duivel voor het paard ging staan, kon het dier niet meer voort. De man wilde een keer een wapen meenemen, maar zijn moeder raadde hem dat af. Daarop ging de man aan de pastoor vertellen wat hij altijd zag. De geestelijke gaf de man de raad om de vreemde verschijning te vragen een kruisteken te maken. Toen de man op een dag drie schopdievels op de weg zag springen, zei hij: "Kom eens naar boven en maak een kruisteken". Daarop liepen de schopdievels weg.
Bron
A. Roeck, Leuven, 1950
Commentaar
1.5 Plaaggeesten
brabants (hageland)
298
Vader van de informant
fabulaat
Naam Overig in Tekst
schopdievel   
Naam Locatie in Tekst
Onze-Lieve-Vrouw-Tielt   
Plaats van Handelen
Pastorijdreef (Tielt)   
Diest   
