Hoofdtekst
’t Woren d’er hier up Zarren, e stik of vier die kosten tovern. ’t Is toch raar dat dat meest volk wos die niet koste lezen. En ze zeggen dat ’t joengste kind ook koste tovern. Een die up Goên Vrijdag geboren is, ed ook e speciale macht. Dat wos meest vrovolk die e mentebolle in ulder beuzen (zakken) hadde en die dat toen gaven. Ze woren meest uut achter vrovolk die bevrucht wos;
Beschrijving
In Zarren woonden vier mensen die konden toveren. Meestal waren dat mensen die niet konden lezen. Men geloofde dat het jongste kind uit een gezin toverkracht bezat, net zoals iemand die op Goede Vrijdag geboren was. Toveressen waren meestal vrouwen die muntjes in hun zakken hadden om aan de kinderen te geven. Toveressen probeerden vaak in de buurt van zwangere vrouwen te komen.
Bron
S. Top, Leuven, 1964
Commentaar
2.2 Tovenaars
west-vlaams (vrijbos)
165H
fabulaat
Naam Overig in Tekst
Goede Vrijdag   
Naam Locatie in Tekst
Zarren   
Plaats van Handelen
Zarren   
