Hoofdtekst
Beschrijving
Bij de Lodderbeek woonde Lodder met zijn ketting. Dat was een vlieg die zo groot was als een hond en die een ketting rond zijn nek droeg. Lodder had het vooral gemunt op late wandelaars, dronkaards en verdwaalde reizigers. Lodder bond zijn slachtoffers vast en sleurde hen naar het bos om hen te verslinden.
Voordien hield Lodder zich schuil in de Loddershoek. Enkel een man en een vrouw wisten dat Lodder daar zat, en ze vertelden hetaan niemand. Op een dag was de man naar een verzekeringsmakelaar gegaan om zijn huis te laten verzekeren. Zes uur later brandde zijn huis af. Daarna ging Lodder op zoek naar een andere schuilplaats, die hij vond bij de Lodderbeek.
Voordien hield Lodder zich schuil in de Loddershoek. Enkel een man en een vrouw wisten dat Lodder daar zat, en ze vertelden hetaan niemand. Op een dag was de man naar een verzekeringsmakelaar gegaan om zijn huis te laten verzekeren. Zes uur later brandde zijn huis af. Daarna ging Lodder op zoek naar een andere schuilplaats, die hij vond bij de Lodderbeek.
Bron
G. Goyvaerts, Leuven, 1967
Commentaar
1.5 Plaaggeesten
brabants (tussen leuven, mechelen en brussel)
56
fabulaat
Naam Overig in Tekst
Lodder met zijn ketting   
Naam Locatie in Tekst
Everberg   
Plaats van Handelen
Loddershoek (Everberg)   
Lodderbeek (Everberg)   
