Hoofdtekst
Mannen zijn aan 't kaarten in Blauberg. Heer laat kaart vallen. Heeft paardepoten. Is duivel. Pastoor moet overlezen.Jef Delen, die is nog getrouwd in Hertals. Ze waren in 't café aan 't kaarten. Daar komt een heer binnen en die vraagt om mee te spelen. "Ja!" Die won altijd. Op de lange duur liet die een kaart vallen. Die had ronde voeten. Die had geen schoenen. Die ene werd daar ongerust. Die zei dat tegen een andere. Die had paardepoten. Dat was de duvel. 't Werd donker. Toen zagen ze het: de duvel. En ze hebben de pastoor moeten gaan roepen. Die moest dat overlezen om hem buiten te krijgen. Dat weten ze allemaal op Blauberg. Dat is lang geleden. De pastoor wist het ook. Die kost dat overwinnen. Ik geloof daaraan. Dat was in Blauberg in de "Grote Leeuw". Dat was café. Ik was toen nog klein. Dat is zestig jaar geleden. Dat weten ze nog goed van die man met dat kaartspelen, maar nu hoort ge daar niks niet meer van.
Onderwerp
SINSAG 0904 - Der vierte Mann. Teufel als Kartenspieler erkannt am Bocksfuss (Pferdefuss).   
Beschrijving
In een café zaten enkele mannen te kaarten. Op zeker ogenblik kwam daar een heer binnen, die wilde meespelen. De heer won vreemd genoeg ieder spel. Toen een man zich bukte om een gevallen kaart op te rapen, stelde hij vast dat de heer paarrdenpoten had. Het was de duivel. Men ging de pastoor halen, die de plaats kwam overlezen om de duivel te verjagen. Dat voorval zou hebben plaatsgevonden in café 'Grote Leeuw' in Blauberg.
Bron
B. Van Grieken, Leuven, 1965
Commentaar
3.1 Duivels
antwerps (westerlo en omgeving)
802
1905
fabulaat
Naam Overig in Tekst
café Grote Leeuw (Blauberg)   
Grote Leeuw (café) (Blauberg)   
Naam Locatie in Tekst
Herselt   
Plaats van Handelen
Blauberg   
