Hoofdtekst
Een zekere Louis M., die was de oven aan 't stoken. Dat is in die eigenste bos geweest. Toen zegt hij tegen zijn vrouw: 'Ik ga gauw een rochelgjaat (= een stok om oven te reinigen) halen. 'Goed', zegt de vrouw. 'Ik ben seffens terug.' Hij pakt zijn herstel (= korte bijl) en hij kapt er twee af. Hij meende dat hij thuis ging, dat was 's achtersnoens bij klare dag. Zit hij niet daarboven aan de Doolhof (= plaats langs de Hasseltse steenweg op de grens met Diepenbeek) daar? Daar komt hem een aan tegen uit Keizel: 'Maar M.', zegt hij, 'waar gaat gij dan heen met uw hovengjaden (stokken om oven te reinigen)?' 'Tja, thuis', zegt hij, 'waar meent ge dat ge zit', zei hij. 'Tja, bijkans thuis', zei hij. 'Ge zijt een uur van thuis af.' (klopt op tafel). Toen was de hele Kruisstraat naar hem aan 't zoeken. Tja, dat was met zijn hovengjaden in de schone dag. Dat is de dolende man heet dat, wor. Dat leidt u verloren.
Onderwerp
SINSAG 0667 - Zauberer führt irre.   
Beschrijving
Louis M. was de oven aan het schoonmaken en besloot in het bos snel wat stokken te gaan halen om het werk te vergemakkelijken. Hoewel het klaarlichte dag was, raakte de man verdwaald. Hij had zo ver uit de richting gelopen dat hij een uur moest stappen vooraleer hij weer thuis was. De 'dolende man' had hem doen verdwalen.
Bron
W. Achten, Leuven, 1971
Commentaar
2.2 Tovenaars
midden-limburgs
g
fabulaat
Naam Overig in Tekst
Louis M.   
dolende man   
Naam Locatie in Tekst
Diepenbeek   
