Hoofdtekst
I -Maar soms zeiden ze zo ook zo “over beemd en gaard” of zoiets en dan waren ze er direct en een andere zot die herhaalde dat zo “door beemd en gaard” en die vloog natuurlijk tegen alles aan hé en kwam ‘k weet niet hoe gekwetst thuis.4 A’ -Ja, ja dat heb ik ook gehoord. Ik weet niet ze ze ôn iet (iets) van hem doodgedaan of weggedaan hé, ‘k en weet niet, en op één twee, drei was’t hij thuis. Allez dat heb ik horen vertellen.I -Ah ja, dat is zo die ovensage, als ze zo zijn vel in ‘t vuur willen doen dat hij dat voelde en dat hij daar was opeens.
Beschrijving
Door toverij was een man in een mum van tijd thuis.
Bron
C. De Winne, Leuven, 1999
Commentaar
2.2 Tovenaars
oost-vlaams (groot-zottegem)
4A'
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Strijpen   
