Hoofdtekst
E ne hond volgde Jan V. altaid. Hij spoeide zich thous. Toen hij do eunkoem bleef de hond steun. Jan vloog ne binnen en sloeg de deur rap tauw. Hij heurde ne sloag tjeige de deur. Dat was dè hond woa ter tjeigen eun gevlogen was. Jan kiekte deur het vinster ne bouten. De hond was voert, mais zen aafdrukken stonden nog in de deur. Lange taid donoi kos men dai nog altaid zien.
Onderwerp
SINSAG 0333 - Spuktier erschreckt Wanderer (und begleitet ihn).   
Beschrijving
Toen Jan V. merkte dat hij werd gevolgd door een hond, haastte hij zich snel naar huis. Zodra de man in zijn huis was, hoorde hij dat de hond tegen de deur vloog. Op de deur stonden de afdrukken van de poten van het dier.
Bron
R. Jageneau, Leuven, 1965
Commentaar
1.4 Luchtgeesten
limburgs (borgloon)
189
fabulaat
Naam Overig in Tekst
Jan V.   
Naam Locatie in Tekst
Borgloon   
