Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

KBRUY0156_0158_45390

Een sage (mondeling), 1991

Hoofdtekst

KnagelijntjeEr was een grote boerderij . En naast de boerderij was een grote hei, een heide. En daar woonde in een holleke een rat, en die had één kindeke en dat heette knagelijntje. Die woonden daar in een holleke. De moeder ging altijd eten zoeken. Die was al slim, maar knagelijntje was nog maar een klein ratteke. En op een keer was 't zo'n mooi weer, en de zon scheen zo schoon; zegt knagelijntje: "Moeder, mag ik eens een beetje buiten spelen? 't Is zo'n goed weer en 't zonneke schijnt." Door dat holleke zagen ze dat. "Ja," zegt de moeder, "maar ga niet weg hé! Blijf stillekes rond de dingen hé, want als die grote, dikke poes van den boer daar aan komt, dan pakt die u zulle." Maar ja, eerst wat rond 't holleke gespeeld, en door den duur al wat verder en verder gegaan hé. En ze was niet ver en dan hoorde 't de dikke, vette kat van de boer. Die lag in 't karrekot te slapen op een kar. Die hoorde zo'n geritsel in die hei, en ze dacht: "Wat is dat nu?", en ze ging zien. En de kat zo voetje voor voetje, stillekes naar waar ze dat geritsel hoorde. Ja, en dat was knagelijntje! En ze pakte het en at het met huid en haar op. En die moeder, die riep al maar toe. Ze kwam altijd aan dat holleke roepen: "Knagelijntje, kom terug! Knagelijntje, waar zit ge nu toch?" En door den duur hoorde die dikke vette poes dat ook en die ging naar dat holleke en zei: "Ik heb knagelijntje opgegeten. Ge moet er niet meer over roepen." En ze ging terug slapen in 't karrekot.Maar Marieke, dat was de dochter van de boer, die kwam door 't venster boven piepen en die zag die poes liggen. En toen zegt die poes: "'k Heb juist goed gegeten." "Ja, wat hebt ge dan gegeten?" "Ja, een goed ratteke, een goed mals ratteke." "Gij se lelijke, stoute poes!" zegt Marieke.Maar toen riep de moeder, dat ze moest komen, want ze moest komen helpen werken. Ja, dan gaan ze in de boerderij. De koei eten geven, haar broerkens en zusterkens oproepen en aankleden en eten geven; dat moest ze allemaal doen. Als die ander allemaal gegeten hadden, en afgewassen en zo, dan ging ze eieren rapen, van de kiekens die in de nesten eieren gelegd hadden. Dan raapt ze die allemaal op. Maar dan kwam de poes van 't karrekot af voor 't eten. Maar ze kreeg geen eten. 't Was gedaan. Ze moest vasten, omdat ze dat ratteke opgegeten had.

Beschrijving

Naast een boerderij woonde een rat in een holletje op de heide. De rat had een jong dat Knagelijntje heette. De moeder ging vaak weg om eten te zoeken. Op een dag vroeg Knagelijntje of het wat buiten mocht spelen in de zon. "Ja", zei de moeder, "maar blijf in de buurt van het hol, zodat de grote dikke poes van de boer je niet kan vangen". Knagelijntje ging echter zo op in het spel dat het afdwaalde van het hol en door de poes werd gevangen en opgegeten. Toen de moeder terugkwam, hoorde ze de kat zeggen: "Je moet niet zoeken, want ik heb Knagelijntje opgegeten". De dochter van de boer hoorde van de kat wat er was gebeurd en was boos en verdrietig. Nadat ze haar werk had gedaan, weigerde de boerendochter de kat eten te geven. De kat moest vasten als straf voor het opeten van Knagelijntje.

Bron

K. Bruynseels, Leuven, 1991

Commentaar

7. Sprookjes
antwerps (nijlen)
12
fabulaat

Naam Overig in Tekst

Knagelijntje    Knagelijntje   

Naam Locatie in Tekst

Nijlen    Nijlen