Hoofdtekst
’t Wos e vrouwe Van Steenkiste die met heur kind van twee maanden oed nor de platse ging nor kennissen. En ze komt zij, die toveresse, ook e Van Steenkiste, die vrouwe tegen met dat kinnige en ze zei: "Mor wuk e schoon kinnige is dat?" Ze speelde zij dormee en ze bepotelde (betaste) zij dat en ze gaf het toen were. En dat kinnige kwam toen helegans zwort en ’t is ozo gestorven. Dat e gebeurd up de Poorthoek in Zarren. Die toveresse e toen ommèkeer weg geweest want dat e mor ulder joren. Z’e zij toen van heur bedde ofhaald geweest deur de duvels. En o ze zij nog leefde, ze zagen oltijd vierbollen oender de deuzinge van heur huus.
Onderwerp
SINSAG 0580 - Andere Hexenkünste   
Beschrijving
Een moeder uit Steenkiste ging met haar kind dat twee maanden oud was, op bezoek bij kennissen. Onderweg kwam de moeder een toveres tegen, die zei: "Maar wat een mooi kindje is dat!" De toveres nam het kindje vast en speelde er even mee. Kort daarop werd het kindje helemaal zwart. Uiteindelijk is het gestorven. Bij haar dood werd het lijk van de toveres weggehaald door duivels. Tijdens haar leven had de toveres altijd vuurbollen onder het afdak van haar huis gezien.
Bron
S. Top, Leuven, 1964
Commentaar
2.1 Heksen
west-vlaams (vrijbos)
85D
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Woumen   
Plaats van Handelen
Steenkiste   
