Hoofdtekst
Op de Lange Strate is er ‘ne keer ‘ne werewulf geweest, niet verre om naar Anzegem-statie te gaan.Der was ’n vrouwe, Marietje Meerhaeghe, en ze ging zij naar de mensen waar dat ze ’n kind gekocht hadden om dat kind te onderhouden. Ze had er oprecht vele verstand van zulle. En de die vertelde dat van die werewulf.Ze deden bij ’n feeste op de Lange Strate ‘ne wafelbak. En ommeddekeer ging-t-er een buiten om te gaan wateren nietwaar – dat was rond ten tienen van den avond – en hij hoorde daar ommeddekeer gescharrel en ’n geroep "Awoe, awoe". En hij liep zere binnen om de anderen te gaan halen. En ze kwamen met ’n stuk of vieren-vijven buiten, en ze hoorden schone langs den ijzerweg, de werewulf leven (lawaai) houden. En ze zagen hem passeren in de klaarte van de lucht met alzo ’n vel. En hij vluchtte over den ijzerweg.
Beschrijving
Een man ging naar een feestje in een huis in de Lange Straat. Toen de man omstreeks tien uur 's avonds even naar buiten ging omdat hij moest plassen, hoorde hij geritsel en geroep dat klonk als "Awoe, awoe!" De man ging snel naar binnen om de andere mensen te waarschuwen. In de maneschijn zag men de weerwolf met een vel op zijn rug wegvluchten over de spoorweg.
Bron
F. Van Houdenhove, Leuven, 1967
Commentaar
1.6 Weerwolven
west-vlaams (tussen schelde en leie)
541
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Kaster   
Plaats van Handelen
Lange Straat (Kaster)   
