Hoofdtekst
Aan gene kant van de kanaal daar heeft Driek Flip vroeger gewoond, ge weet wel die paardekoopman. Die zijn paard kosten ze niemeer in de stal jouden. Dat was wreed, geen temmen aan. Ja, daar zat niks anders op als maar naar de pastoor te gaan en de pastoor zei direct: 'van de kwaai hand geraakt.' Maar hij zei er bij dat ge niet direct de vrouwen verdenken moet want de mannen die kunnen dat ooch. Dat heeft hij 's zondags op de preekstoel gezegd. Jaak Spaas, die kent ge hé, dat was toen e menneke toen dat geweest is.
Onderwerp
SINSAG 0580 - Andere Hexenkünste   
Beschrijving
Omdat het paard van Driek wild was geworden, liet de man de pastoor komen. "Het paard is door de kwade hand geraakt", stelde de geestelijke vast. Tijdens zijn zondagse preek had de pastoor erop gewezen dat niet alleen vrouwen, maar ook mannen heksenkunsten kunnen bezitten. Het paard van Driek was behekst door Jaak.
Bron
I. Kenens, Leuven, 1957
Commentaar
2.1 Heksen
limburgs (noord-west)
272
fabulaat
Naam Overig in Tekst
Driek   
Jaak   
Naam Locatie in Tekst
Sint-Huibrechts-Lille   
