Hoofdtekst
Onder in de 'Zakstraat' stond een wenning (= hoeve), doa was het nie pluis. Doa speelden alted muziek 's nach(t)s, de loerjagers hoorden dat. D'aad (= oud) snijderke zat doa in, wee wel! De minse meenden at het de gees(t) was van de bewoners van vroeger wa terugkwam.
Onderwerp
SINSAG 0450 - Andere Tote spuken.   
Beschrijving
In de Zakstraat stond een hoeve waar het spookte. 's Nachts hoorden de stropers er altijd muziek. Men geloofde dat het de geest van de vroegere bewoner was.
Bron
M. Dreezen, Leuven, 1967
Commentaar
1.4 Luchtgeesten
limburgs (tongeren en omstreken)
486
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Henis   
Plaats van Handelen
Zakstraat   
