Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

SLIBA0677_0678_25207

Een sage (mondeling), 1999

Hoofdtekst

Beschrijving

Een oude boer en boerin besloten al hun dieren en werktuigen te verkopen om rustig van hun oude dag te kunnen genieten. Drie of vier maanden later begon het echtpaar de dieren toch te missen. Ze besloten ganzen op hun erf te zetten om opnieuw wat leven in de brouwerij te brengen. Op een ochtend waren de ganzen allemaal ziek. Slechts één gans bleef leven. Men kocht veertien mooie eieren en liet de gans ze uitbroeden. Op de negentiende dag zat de gans dood op haar nest. De boerin sprak: "Dat is niet erg. Ik zal de eieren warm houden. Als ik ander werk heb, moet jij op het nest gaan zitten".
Op een zaterdagochtend kondigde de boerin aan dat ze naar de kapper moest en dat ze een tijdje zou wegblijven. Daarop zei de boer: "Ik zal op het nest blijven zitten tot drie uur, maar dan ga ik op het toilet mijn krant lezen". Om drie uur was de boerin nog niet terug. Toen de boer het nest verliet, zag hij dat de pastoor op een oude meisjesfiets kwam aangereden. De boer legde uit wat zijn probleem was en vroeg de geestelijke even op het nest te gaan zitten, zodat de eieren niet koud zouden worden. De onderpastoor ging in de plaats van de boer op het nest zitten. Toen de boerin thuiskwam en de laarzen van de boer onder de deur van het toilet zag, was ze woedend. Ze ging snel naar het nest dat bovenop de oven stond en voelde of de eieren nog warm waren. Even later kwam ze juichend naar de boer gelopen met de worden: "Het is ons gelukt! We hebben kuikens. En het zullen ferme beesten zijn". Daarop vroeg de boer: "Hoe weet jij dat?", waarop de boerin antwoordde: "Ik heb er één bij de nek gegrepen!"

Bron

S. Libaut, Leuven, 1999

Commentaar

brabants (gooik, lennik en omgeving)
36H
fabulaat

Naam Locatie in Tekst

Gooik    Gooik