Hoofdtekst
Pietje Jok, een kleen, oed versleten vintje koste wok een ’t wodde, zeien ze. Ol de joengens woaren er benauwd van en ze dosten langs zien huzeke nie passeren.
Beschrijving
In Pittem woonde een oude man over wie men vertelde dat hij kon toveren. De kinderen waren zo bang voor de man dat ze niet voorbij zijn huis durfden te wandelen.
Bron
R. Callens, Leuven, 1968
Commentaar
2.2 Tovenaars
west-vlaams (tielt en izegem)
335
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Pittem   
Plaats van Handelen
Pittem   
