Hoofdtekst
Beschrijving
Op een boerderij in Oetingen zaten de boer en de boerin ’s nachts bij de zeug en de biggen. Wanneer die mensen ’s nachts naar buiten gingen, hoorden ze wondermooie muziek, hoewel er niets te zien was. De andere mensen geloofden dat niet, maar toen ze kwamen luisteren, hoorden ze de muziek oook. Veel mensen durfden daar niet te overnachten omdat ze bang waren.
Bron
F. Vandesype, Leuven, 1977
Commentaar
1.4 Luchtgeesten
brabants (zuid-west)
18C'
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Oetingen   
Plaats van Handelen
Oetingen   

