Hoofdtekst
Y: Maria, ik kom eens kijken of gij nog iets weet over heksen?X: Heksen? Tja, dat is van voor mijne tijd. Ik ben daar eigenlijk niet mee opgegroeid, hé.Y: Hebt gij Fré Goris gekend?X: Freke Goris, ja! Die man is dood.Y: Kunt gij daar iets van vertellen?X: Ja, daar zeiden ze ‘de weerwolf’ tegen! Dat weet ik nog, die deed ook zo van die toeren (dingen).Y: Waarom zeiden ze daar ‘weerwolf’ tegen?X: Tja, die veranderde zich in een weerwolf zeker?Y: En wat voor een man was dat?X: Tja, een gewone man.Y: Wanneer is Fré gestorven? Is dat twintig jaar geleden?X: Oh ja!! Die was al dood toen wij hier kwamen wonen en dat was in de jaren vijftig. Van Fré kan ik niet veel weten.
Beschrijving
In Heusden woonde een man die zich in een weerwolf kon veranderen.
Bron
E. Droogmans, Leuven, 2002
Commentaar
1.6 Weerwolven
limburgs (heusden-zolder)
23.1
Vóór 1950
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Heusden-Zolder   
Plaats van Handelen
Heusden   
