Hoofdtekst
In Eik, zat vroeger een oude regentes. Die regeerde over de heel omgeving en die had ene vriend, die heette Moenstère. Die Moenstère liet e klooster bouwen. Dat heette ze Monasterium voor zijnen naam daarin te betrekken en toen zegden die twee, de regentes en de vriend. 'Zouden ver (we) niet beginnen te delen.' Toen zei de Moenstère: 'Munster dat was vroeger van Bilzen maar ich wil Munster op mijn eigen hebben en daarvoor noemde er het 'Moensterbilzen', Munsterbilzen, he nu goed, nu koem daar konkurrentie - Eigenbilzen hing ook af van Bilzen. Nu zegden die van Eigenbilzen: 'Ver (we) trekken ons van Bilzen niks meer aan, ver maken eigen, Bilzen. Ge kunt goed zien hoe ze het verdeeld hebben. Op de Zangerheidedreef hebt ge Eigenbilzen. Dat komt tot aan de blauwe steen. Dan hebt ge e stuk, Hoelbeek, en het laatste stuk van de dreef in Munsterbilzen. Van de andere kant gaat Munsterbilzen van aan het kapelleke van Eik tot aan de oude Vlasroten en tot boven op de berg. (Van Bilzen in no Munster en zo naar de Wijgaard). Zo hebben ze gedeeld.
Beschrijving
In Eik woonde vroeger een regentes die een vriend had met de naam Moenstère. Die vriend liet een klooster bouwen met de naam 'Monasterium'. Hoewel Munster altijd tot het grondgebied van Bilzen had behoord, wilde Moenstère Munster voor zich alleen hebben. Daarom werd de naam 'Munster' veranderd in 'Munsterbilzen'. De bewoners van een ander gebied dat bij Bilzen hoorde, wilden ook een grondgebied voor zichzelf, dat ze 'Eigenbilzen' noemden.
Bron
W. Jackers, Leuven, 1958
Commentaar
6. Sagen - Sprookjes
limburgs (bilzen)
594
fabulaat
Naam Overig in Tekst
Moenstère   
'Monasterium' (klooster in Eik)   
Naam Locatie in Tekst
Munsterbilzen   
Plaats van Handelen
Munster   
Eigenbilzen   
Munsterbilzen   
Bilzen   
Eik   
