Hoofdtekst
4: Ja, wie was dat die ook blauwde… en hij ging een weddingschap aan met de douaniers dat hij om dat uur ging passeren met blauwgoed. Je kunt gaan denken… toen hij passeerde, ze zochten goed, ze ontkleedden hem bijna hé. "Je moet niet meer zoeken," zei hij, "het is al een tijdje geleden gepasseerd." Hij had de kinderen laten spelen met een dode hond, en z’n blauwgoed zat daarin. Die kinderen hadden die hond over de schreve gesleept en hadden het op die manier overgebracht.Y: Hij had die hond goed dichtgenaaid.
Beschrijving
Een smokkelaar die de douaniers graag een poets bakte, had gezegd dat hij op een zeker tijdstip zou voorbijkomen met smokkelaar. Toen de man voorbijkwam, werd hij door de douaniers gefouilleerd en bijna helemaal uitgekleed. Daarop sprak de smokkelaar: "Jullie hoeven niet meer te zoeken. Het is al een tijdje geleden voorbijgekomen". De smokkelaar had het blauwgoed in een dode hond genaaid en enkele kinderen spelend met die hond de grens laten oversteken.
Bron
M. Sohier, Leuven, 1982
Commentaar
4. Historische sagen
west-vlaams (poperinge)
4F
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Poperinge   
