Hoofdtekst
Beschrijving
Klurre met zijn keet was ’s avonds altijd op pad. Hij had een straal vuur op zijn hoofd en rammelde met een ketting.
Bron
S. Libaut, Leuven, 1999
Commentaar
1.5 Plaaggeesten
brabants (gooik, lennik en omgeving)
29E
fabulaat
Naam Overig in Tekst
Kludde met zijn keet   
Naam Locatie in Tekst
Pepingen   
