Hoofdtekst
Van de weerwolef dat he(ef)t Zwenne zaliger dek (= dikwijls) verteld. Dat was maar ene mins met e berevel op. Die liep in de bös, in 'Colmotbös', en dan hadden de minse bang as ze hem zagen. Hij ging ook zo maar in de mild (= in 't midden) van e straat, en de minse dorsten nie doorgaan. As zje dan kon houwen tot het bloed uitkwam, dan moesten ze hun bekend maken, wor!
Onderwerp
SINSAG 0822 - Werwolf getroffen (geschlagen) nimmt wieder menschliche Gestalt an (und ist erlöst oder stirbt).   
Beschrijving
Een weerwolf was een man met een berenvel, die rondliep in het Colmontbos. Wanneer de weerwolf in het midden van de straat stond, durfden de mensen er niet voorbij te gaan. Wanneer men een weerwolf kon laten bloeden, kon men hem herkennen.
Bron
M. Dreezen, Leuven, 1967
Commentaar
1.6 Weerwolven
limburgs (tongeren en omstreken)
962
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Overrepen   
Plaats van Handelen
Colmont   
Colmontbos   
