Hoofdtekst
De geestelijken kunnen alleszins de wind doen keren. Ik heb dat nog gehoord. ’t Brandde een keer op Langemark. Ja, ze kunnen dat, maar hoe naamde dat pastertje, ik weet het niet meer, maar ik heb hem gekend. Je dei de wind keren, je kwam bij de vlammen en je las in een boek en de wind keerde en ’t schidde uit (stopte) van branden.
Onderwerp
SINSAG 0750 - Andere Zauberei.   
Beschrijving
Toen in Langemark een brand woedde, deed de pastoor de wind draaien door in een boek te lezen. Daardoor doofden de vlammen uit.
Bron
K. Erard, Leuven, 1966
Commentaar
2.2 Tovenaars
west-vlaams (ieper)
10
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Boezinge   
Plaats van Handelen
Langemark   
