Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

STOP0258_0259_21321

Een sage (mondeling), 1964

Hoofdtekst

De Kokelaarschge (Koekelaarse) bende had e schuulplekke in de Kokelarebus. ’t Woren dor gasten die roendgingen voor olles of te spionnen en die toen ’t ene en ’t andre pakten. Margot wos dorbij en Proot. Neten Djoos wos de baas, e kerel van e jor of viere-, vuventwintig jor. ’t Woren dor zestien, zeventien gasten in. ‘k En niet hoord dat ze moorden gedon èn.

Onderwerp

SINSAG 1320 - Andere Räubergeschichten.    SINSAG 1320 - Andere Räubergeschichten.   

Beschrijving

De Koekelaarse bende hield zich schuil in het bos van Koekelare. Enkele rovers van de bende gingen overal spioneren en stelen. De bende bestond uit zo'n zestien of zeventien rovers. De bende zou nooit moorden hebben begaan.

Bron

S. Top, Leuven, 1964

Commentaar

4. Historische sagen
west-vlaams (vrijbos)
149A
fabulaat

Naam Overig in Tekst

Margot
Proot
Neten Djoos

Koekelaarse bende    Koekelaarse bende   

Naam Locatie in Tekst

Zarren    Zarren   

Plaats van Handelen

Koekelare    Koekelare