Hoofdtekst
’t Wos daar een vrouwmens en ze moste ne klein kopen, en ze ging ne keer een wandelingske doen en ze kwam daar een vrouwmens tegen, een vreemde pertank, en die sloeg heur hand up den buuk van dat vrouwmens en ze zei: "Is dadde daar nog niet uut!" En da kindje hèd doodgeboren geweest en zolange of dasse heur niet doen aflezen hèd, koste ze gene klein meer kopen, ze wos zij geslegen van de zwarte hand.
Onderwerp
SINSAG 0580 - Andere Hexenkünste   
Beschrijving
Een zwangere vrouw kwam tijdens een wandeling een vrouw tegen, die op haar buik sloeg en zei: "Is dat er nu nog niet uit?" Een tijdje later werd het kindje doodgeboren.
Die vrouw is niet meer zwanger geraakt vooraleer ze zich had laten overlezen. Ze was immers door de zwarte hand geraakt.
Die vrouw is niet meer zwanger geraakt vooraleer ze zich had laten overlezen. Ze was immers door de zwarte hand geraakt.
Bron
M. Reynaert, Leuven, 1965
Commentaar
2.1 Heksen
west-vlaams (ieper)
184
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Wijtschate   
