Hoofdtekst
16: En het is net zoals je zou zeggen.. alles, dingen aflezen hé, dat is zo, ze zweten. Kijk, ik heb hier … wat was het weer wat Laura had?Y De zona.Z: De zona.16 : Wat ?A : De zona.16 : De zona. En ik heb dat hier iemand zien aflezen en ze is genezen hoor, daarvan, van de zona. Maar je had eens moeten zien hoe die man zweette.X: Is het echt?16: Jaja.X: En was het iemand van Poperinge?16: Jaja, hij is dood nu, André Baert. Er is nog één die het kan hoor. Dinge, hoe is zijn naam weer? Die boerezoon, het is nu de zoon die het doet.Y: Ja, ik ken zijn naam niet.16: Nondedeju, en hij woont tegen het station. En hij kan dat ook nog aflezen. Maar degene die het afgelezen heeft van Laura is dood. Dat was André Baert.X: En het heeft geholpen bij haar?Y: jaja.Z: maar je moet er eigenlijk wel in geloven hoor, want ik ken ook iemand die het heeft doen aflezen. En ze moet er maar half in geloofd hebben; maar niet genezen hé.16: Ja.Y: nee, je moet eigenlijk… je moet eigenlijk…
Beschrijving
Een vrouw die gordelroos had, genas nadat ze zich door een man uit Poperinge had laten overlezen.
Bron
M. Sohier, Leuven, 1982
Commentaar
2.2 Tovenaars
west-vlaams (poperinge)
16H
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Poperinge   
Plaats van Handelen
Poperinge   
