Hoofdtekst
Ne joeng en e metske kâme trug vanne kermes en de joeng veranderde inne weerwolf. Da metske hâ nen tessendoek en goeide op de weerwolf. 's Anderdôgs hâ de joeng stukke van de tessendoek tussen zen tân.
Onderwerp
SINSAG 0823 - Das zerbissene Tuch.   
Beschrijving
Een jongen die met zijn vriendin terugkwam van de kermis, veranderde in een weerwolf. Het meisje gooide een zakdoek naar de muil van het dier. De volgende dag zag ze tot haar grote ontsteltenis dat haar vriend de vezels van de zakdoek nog tussen zijn tanden had.
Bron
M. Hermans, Leuven, 1966
Commentaar
1.6 Weerwolven
limburgs (herk-de-stad)
873
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Herk-de-Stad   
