Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

STOP0345_0345_21622

Een sage (mondeling), 1964

Hoofdtekst

Mijn wuuf en heur moeder vertelden tegen de paster dat er e masse kwaad in huus wos. En ze gingen nor de paters. En ’t kwamen twee paters en ze knielden ulder nere bij de kupe water bij mijn wuuf en heur moeder. Zo, ze begosten zieder te lezen. En up klokslag ten twolven wos er toen zuk e klets in dat water en ol dat water wos uut die kupe en zieder woren ol nat. Dat wos in den doenkern. T’ee toen gedon geweest.

Beschrijving

Een moeder en een dochter vertelden aan de pastoor dat er veel kwaad in hun huis was. Daarop kwamen er twee paters naar het huis. De geestelijken knielden bij een kuip water en begonnen te bidden. Om middernacht hoorde men een slag en vloog al het water uit de kuip, waardoor iedereen nat was. Daarna was het kwaad verdreven.

Bron

S. Top, Leuven, 1964

Commentaar

1.5 Plaaggeesten
west-vlaams (vrijbos)
204U
Echtgenote van de informant
fabulaat

Naam Locatie in Tekst

Oostnieuwkerke    Oostnieuwkerke