Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

MNIJS0102_0102_19077

Een sage (mondeling), 1969

Hoofdtekst

Dovoren zeggen ze dat ’t geestelik da weggedoan èt, dat da nie mi bestot. Ze kosten zieder ook toveren wi (hoor), de paters! Gedomme ja’ze! Ze kosten zieder zo goed toveren of ol die mannen. Hoeveel keren è je nie (ge)hoard dan de paters goeng(en), dan ze dat oflazen, dan ze dat moesten belezen. Mo z’èn ook zukke boeken. Mien voader zei, dan ze da dein met ’t Sint-Jansevangelie. Dovoren moest je ook twi of drie woorden uut ’t Sint-Jansevangelie kunnen zeggen en je woart gered. Vroeger aan ze dor e soarte relikwie van.

Beschrijving

De pastoors konden even goed toveren als alle andere tovenaars. Pastoors werden immers vaak gevraagd iemand te overlezen aan de hand van boeken. De geestelijken gebruikten daarvoor meestal het Sint-Jansevangelie.

Bron

M.-R. Nijsters, Leuven, 1969

Commentaar

2.2 Tovenaars
west-vlaams (nw van houtland)
37.13
fabulaat

Naam Overig in Tekst

Sint-Jansevangelie    Sint-Jansevangelie   

Naam Locatie in Tekst

Gistel    Gistel