Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

LDHAE0365_0366_31858

Een sage (mondeling), 1975

Hoofdtekst

In Nederename woonde Pareyns (Deweerdt). Ik heb ze gekend. Ze woonde rechtover mijn tante. Als het donderdag was, mijn tante had een jongetje, en Pareyns wijf gaf hem een piepke. “Kijk”, zei mijn tante, “ze is terug. Over vijf minuten kan ik geen weg meer met mijn kind.” En ’t was zo ook. Het is zover gekomen dat dat kind niet opgekomen is. Het was het enige jongetje dat ze had.

Beschrijving

Een jongetje kreeg een zoen van een vrouw uit het dorp die ervan werd verdacht een toveres te zijn. De moeder van de jongen had het gezien en zei: “Kijk, daar is ze weer. Over vijf minuten is er niets meer met het kind aan te vangen”. Zo was het ook. Het is zelfs zover gekomen dat de jongen niet meer groeide.

Bron

L. D'haeze, Leuven, 1975

Commentaar

2.1 Heksen
oost-vlaams (zuiden)
174F
Neef van de informant
fabulaat

Naam Locatie in Tekst

Nederename    Nederename