Hoofdtekst
Dat heb ik dikwijls horen vertellen hier. En die varkens die schuurden zich niet en die gingen dan ook weer kapot als dat zo halfwas was. En als die eruit waren, weer andere geprobeerd maar die konden geen meer omhoog krijgen. En toen was het dan ook zover gegaan dat ze naar een priester trokken in die tijd. En die vroeg hen of ze hun vijanden kenden aan hen. Ja, neen; dat konden ze niet zeggen hè. En toen heeft (hij) die de stal komen overlezen en daar over zegenen of wat ik weet het niet en toen was dat stop.
Beschrijving
Een boer wiens varkens allemaal stierven, ging bij de pastoor te rade. Nadat de pastoor de stal had overlezen en gezegend, had de boer geen ongeluk meer.
Bron
W. Achten, Leuven, 1971
Commentaar
2.1 Heksen
midden-limburgs
a'
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Genk   
