Hoofdtekst
Ik was tuisen geweest en toen ik thuiskwam stond ik voor een zouw (= gracht). Toen waren daar nog geen lichten en alleen maar kleine wegskes door de Hei. En ik zag niks en tedjie ik sta daar zo te voelen om over te gaan. En daar komt mij een paard afgelopen en roef op de kop van de gracht daar stopte het en toen was het allemaal kalm en weg.
Onderwerp
SINSAG 0333 - Spuktier erschreckt Wanderer (und begleitet ihn).   
Beschrijving
Een man die was gaan kaarten, wandelde 's avonds naar huis. Bij een gracht zag de man plots een vreemd paard aangelopen komen. Even later was het paard verdwenen.
Bron
W. Achten, Leuven, 1971
Commentaar
1.4 Luchtgeesten
midden-limburgs
e
memoraat
Naam Locatie in Tekst
Diepenbeek   
