Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

WACHT0323_0324_3778 - Weerwolf herkend: "vetsemen" - motief

Een sage (mondeling), 1971

Hoofdtekst

En ge waart alleen, dan kwam daar ineens een zwarte hond altijd achter u na. En dan was die die bij u was, dat was dan die. Maar ge moest dan als ge dat aan de hand kreegt moest ge altijd rooie moaslatten in uw zakken steken. En als dan, die was dan ineens weg. Die zei: 'Ik moet dan daar eens pissen gaan', of iets en dan was die weg wor. En dan veranderde die hem in een hond en dan moest ge een rooie moaslat in uw zakken steken. En dan zogauw als die op u afkwam om u te attakeren moest ge de rooie moaslat in zijn muil gooien, wor. En dan werd die een beetje daarna terug mens. Maar dan ging die ook in de café in daar ergens en toen hingen de vetsemen van de rooie moaslat nog tussen zijn tanden. Toen was dat die, die die zijn kameraad was. En zo vertelden ze, zuur.

Onderwerp

SINSAG 0823 - Das zerbissene Tuch.    SINSAG 0823 - Das zerbissene Tuch.   

Beschrijving

Twee vrienden waren aan het wandelen, toen de ene plots zei: "Ik moet even een boodschap doen". Wanneer er even later een zwarte hond verscheen, gooide de andere zijn rode zakdoek naar de muil van het dier. Wanneer de mannen terug bij elkaar waren, had de ene de rode vezels van de zakdoek nog tussen zijn tanden.

Bron

W. Achten, Leuven, 1971

Commentaar

1.6 Weerwolven
midden-limburgs
f'
fabulaat

Naam Locatie in Tekst

Wimmertingen    Wimmertingen