Hoofdtekst
Voortijds liepen der ’s nachts gevaarlijke honden langs de strate. En dat waren honden dat ge niet koste zien: ze waren lijk onzichtbaar. Maar ge koste ulder ketens horen rammelen. En de mensen zeien: "Hoor, ze zijn daar were!"En ze sloten allemale ulder deure, want ze waren wreed vervaard dat ze gingen binnenkomen.
Beschrijving
Vroeger liepen 's nachts gevaarlijke honden door de straten. De honden waren onzichtbaar, maar men kon hun kettingen horen rammelen. Wanneer de mensen de honden hoorden aankomen, sloten ze snel hun deur om te voorkomen dat de dieren zouden binnenkomen.
Bron
F. Van Houdenhove, Leuven, 1967
Commentaar
1.5 Plaaggeesten
west-vlaams (tussen schelde en leie)
178
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Avelgem   
