Hoofdtekst
I En dat ze zo vertelden van ‘heksen waren altijd oude vrouwkes’?Ja en dat moet ik ook nog vertellen. Dat heeft mijn vader ook nog verteld. Wij waren dus twintig, tweeëntwintig jaar, m’n vader hé, en daar zat altijd een oud vrouwtje op, in Zussen, op de trappen.I Waar ergens?Op de trappen van de kerk. En daar hadden ze afgesproken: "Nu moeten we weten wie dat is." En ze hebben haar herkend. Ze hebben haar… Eerst is ze gaan lopen, maar dan hebben ze haar bijgekregen; ze waren met een man of twintig, geloof ik. …(= onverstaanbaar -C) misschien ook, dat weet ik niet. Dat heeft papa niet verteld. En dan hebben ze haar herkend.
Beschrijving
Op de trappen van de kerk van Zussen zat altijd een oud vrouwtje. Op een dag heeft men haar met een man of twintig ontmaskerd (als heks?). Het vrouwtje is weggelopen, maar men heeft haar toch kunnen inhalen.
Bron
H. Schoefs, Leuven, 1996
Commentaar
2.1 Heksen
limburgs (groot-riemst)
6C 180
Omstreeks 1950
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Zichen-Zussen-Bolder   
Plaats van Handelen
Zussen   
