Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

MVAND0184_0185_33367

Een sage (mondeling), 1964

Hoofdtekst

Dat was café in den tijd in mijn schoondochter haren thuis, en Siske Groening en zijn vrouwe kwamen toen en toen ne keer. En z’hadden ook een kind dat niet op en willegen. En die vrouwe van Sisken had er altijd rond geweest. Sisken kwamp nen dag of drie daarnaar ook were, zegt hij: “Is uw kind nu nog niet genezen?” “Nee” “Laat mij dat kind ne keer zien”, zei hij. En hij paktegen dat kind daaruit “Maar dat kind en is niet ziek, meent dat”,zegt hij tegen de moeder. En toen begost het maar te verslechten, en een weke nadien was ’t dood mens.

Onderwerp

SINSAG 0750 - Andere Zauberei.    SINSAG 0750 - Andere Zauberei.   

Beschrijving

In een café had men een kindje dat niet groeide. Een man uit het dorp was samen met zijn echtgenote vaak bij het kind geweest. Op een dag kwam die man weer langs en vroeg: “Is het kind nu nog niet genezen?” De man nam het kind uit de wieg en zei: “Maar dat kind is niet ziek”. Daarna is de toestand van het kind nog verslechterd. Een week later was het dood.

Bron

M. Van Der Linden, Leuven, 1964

Commentaar

2.2 Tovenaars
oost-vlaams (denderstreek)
528
Schoondochter van de informant
fabulaat

Naam Locatie in Tekst