Hoofdtekst
Onzen ouden werkman als hij kind was, ze waren met zes zeuns en één dochter, en op een zekeren dag dat meisje was verdoold, en als ze al den helen tijd gezocht hadden deur ’t bos en deur de velden, ze vonden ze eindelijk, dat ze daar zat en ze roerde niet en als ze vroegen waarom dat ze niet naar huis gekomen was, ze zei dat ze niet en koste, want dat ze bij een beke zat. En dat heeft den niet meer gebeurd. Maar dat was eigenlijk van een vrouwe een oude, die daar in ’t gebuurte wunde en die etwod koste dat ze zeien.
Onderwerp
SINSAG 0539 - Hexe bannt an den Platz
  
Beschrijving
Een man had zes zonen en één dochter. Toen de dochter op een dag vermist was, gingen de mensen uit het dorp naar haar op zoek in alle bossen en velden. Uiteindelijk vond men het meisje bij een beek, waar ze roerloos op de grond zat. Toen men haar vroeg waarom ze niet naar huis was gekomen, zei het meisje: "Ik kon niet, want ik zat bij een beek". De mensen waren ervan overtuigd dat een vrouw die in een nabijgelegen huis woonde, het meisje had betoverd.
Bron
A.-M. Devynck, Leuven, 1965
Commentaar
2.1 Heksen
west-vlaams (franse grens)
266
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Haringe   
